Gezonde voeding


Voeding en milieu - Duurzame voeding

  • Geef de voorkeur aan biologische ingrediŽnten. Biologische productie betekent duurzame productie. Ze voldoet aan economische, ecologische en sociale verwachtingen. De biologische landbouw produceert hoogwaardige voedingsmiddelen zonder residuís van schadelijke stoffen voor mens en milieu. We beschouwen een product als duurzaam wanneer aan een aantal voorwaarden in meerdere of mindere mate wordt voldaan, zoals een minimale impact op het milieu en het klimaat en een correcte vergoeding voor de producent. Duurzaam geproduceerde producten zijn vaak duurder dan andere. Biologische boeren hebben meestal lagere gewasopbrengsten. Ze kweken hun dieren langzamer op en hebben meer grond nodig voor de uitloop. Ze hebben hogere loonkosten omdat hun werkwijze arbeidsintensiever is. Ook de controle voor het biolabel kost geld.

  • Eet seizoensgroenten en fruit. Ons voedsel wordt vaak aangevoerd met vliegtuigen, vrachtwagens, en schepen. De energie die we uit ons voedsel halen, staat vaak niet in verhouding tot de energie die de verplaatsing vraagt. Niet enkel transport vergt energie, ook bij de teelt, de verwerking en de bewaring wordt energie verbruikt. Het energieverbruik kan worden teruggedrongen door te kiezen voor seizoens- en streekgebonden landbouwproducten. Koop lokale en seizoensgebonden groenten en fruit. Eet prinsessenboontjes in de zomer uit uw eigen tuin of van BelgiŽ, maar niet van Kenia. Eet geen aardbeien in de winter, ze smaken naar niets, kosten veel te duur en het is ecologisch niet verantwoord. Vele mensen weten niet meer welke groenten of fruit wanneer wordt geoogst. Op de website van www.velt.be is een prachtige kalender beschikbaar.

  • Verpakkingen: Als de supermarkten zelf al het initiatief nemen om geen gratis plastic zakjes (gemaakt van aardolie) meer uit te delen, dan moet het wel over massale hoeveelheden gaan die steeds meer geld kosten. Maar veel producten zijn zelf oververpakt. Dus kiezen we voor minder verpakking, losse groenten en fruit, dranken in retourflessen en hervulbare schoonmaakmiddelen en gebruiken we de eigen boodschappentas.

  • Gepaste kooktechnieken kunnen energie doen besparen. Schil groenten zo weinig mogelijk (wortelen) of liefst niet voor het koken (aardappelen). Stomen of stoven in een weinig water geeft minder verlies van vitaminen en mineralen, en gaat meestal sneller. Ovengerechten hebben iets feestelijks, maar voor het opwarmen van kleine gerechten verbruiken ze in verhouding veel energie.

  • Overbevissing. De overexploitatie en het wanbeheer van visgronden heeft nu al geleid tot de spectaculaire ondergang van sommige visgronden. De kabeljauwvisgronden bij Newfoundland in Canada gingen in 1992 ten onder, wat leidde tot het verlies van ongeveer 40.000 banen. De kabeljauwvoorraad in de Noordzee en de Oostzee zijn goed onderweg naar hetzelfde lot en bevinden zich vlakbij een totale ondergang.
    Meer dan 70 procent van de populaire vissoorten wordt overbevist of bevindt zich op de rand van overbevissing. In onze eigen Noordzee staan bijvoorbeeld de kabeljauw, schol en tong onder druk.
    De realiteit van de moderne visserij is dat de vissersboten veel meer vis kunnen vangen dan de natuur ooit kan aanvullen. Reusachtige schepen die geavanceerde echo-apparatuur gebruiken, kunnen snel en nauwkeurig de scholen vis opsporen. De schepen zijn uitgerust als reusachtige drijvende fabrieken - inclusief machines om de vis te verpakken en verwerken, enorme vriessystemen en krachtige motoren die door de oceaan trekken. Duurzame visserij is een belangrijk antwoord op overbevissing. Om ook in de toekomst vis te kunnen blijven vangen, moet er voldoende volwassen vis in de zee achterblijven die kan zorgen voor nieuwe aanwas.
    Duurzame visserij maakt gebruik van vistechnieken waarbij de kans op bijvangst sterk afneemt. De vissers respecteren de natuur onder water. Duurzame visserij is dus niet alleen noodzakelijk voor het behoud van de vis, maar ook voor het behoud van de vissector.
    Duurzaam gevangen vis is te herkennen aan het MSC keurmerk.

Onze obsessie voor dierlijk voedsel verwoest niet alleen onze persoonlijke gezondheid, maar ook die van de planeet. De sterk toegenomen vraag naar vlees zorgt voor grote milieuproblemen. De productie van vlees is sinds 1950 verviervoudigd. Er zijn in de wereld nu drie keer zoveel slachtdieren dan er mensen zijn. Deze groei is te wijten aan de toegenomen vraag naar vlees in o.a. groeilanden als China en India en aan de subsidies die vele regeringen aan veehouders geven.

De Food and Agricultural Organisation (FAO) van de Verenigde Naties bracht enkele jaren geleden het rapport ďDe lange schaduw van de veeteelt uitĒ. De veeteelt wordt erin verantwoordelijk gehouden voor 18 procent van alle broeikasgassen op onze planeet. Ze neemt daarmee een dubieuze tweede plaats in als klimaatvervuiler, na energie. De wereldwijde transportsector is goed voor 13 procent. Toch krijgt vervuiler nummer drie veel meer aandacht dan nummer twee: het is blijkbaar niet populair om de vleesconsumptie ter discussie te stellen.

De vleesindustrie is verantwoordelijk voor:
  • Ongeveer 1/5 van de totale broeikasuitstoot
  • Meer uitstoot van broeikassen dan de transportsector
    • De biefstuk op je bord zorgt op z'n eentje voor evenveel broeikassen als een ritje van 70 km met een doorsnee auto.
  • Vervuiling en verbruik van gigantische hoeveelheden water
    • De veestapel verbruikt meer dan 80% van de wereldwatervoorraad
  • Ontbossing
    • 1/3 van het tropisch regenwoud bevindt zich in BraziliŽ.
    • Daar verdwijnt een oppervlakte vergelijkbaar met 5000 voetbalvelden per dag.
    • 70% van de ontbossing wordt toegeschreven aan veeteelt.
  • Ons vlees komt meestal uit ArgentiniŽ, Chili, Zuid-Afrika, waardoor de milieukost 3x groter is dan vlees uit Europa.

Door minstens 1 vegetarische maaltijd per week in te schakelen en zoveel mogelijk seizoens- en streekgebonden groenten en fruit te eten, kan je je ecologische voetafdruk aanzienlijk verlagen. Want de gezondheid van de planeet is voor iedereen belangrijk en dit is iets dat we allemaal samen moeten aanpakken.